Ethisch kader
Het ethisch kader van het INR Model beschrijft de begrenzing waarbinnen het model gebruikt mag worden.
Het bewaakt dat het verklaren van gedrag niet verandert in het sturen, manipuleren of forceren van gedrag.
Binnen INR is ethiek geen morele toevoeging maar een voorwaarde voor geldigheid.
Verdieping
Elk model dat gedrag kan verklaren kan ook worden ingezet om gedrag te beïnvloeden.
Daar ontstaat een risico. Begrip kan verschuiven van verklaren naar sturen. Inzicht kan worden ingezet als macht.
Het ethisch kader van INR maakt deze grens expliciet. Het stelt dat:
– Gedrag verklaard mag worden maar niet gemanipuleerd
– Mensen begrijpelijk gemaakt mogen worden maar niet voorspelbaar gereduceerd
– Inzicht verantwoordelijkheid met zich meebrengt
Zonder deze begrenzing verliest het model zijn samenhang. Het wordt dan een instrument in plaats van een verklaringskader.
Binnen INR is ethiek daarom geen aparte laag. Het is een structurele randvoorwaarde. Zodra het model wordt ingezet om uitkomsten af te dwingen, functioneert het niet langer binnen zijn eigen uitgangspunten.
Relatie tot INR
Het ethisch kader beschermt de kern van het INR Model.
Omdat INR werkt met betekenis, autonomie en bescherming, kan het alleen functioneren wanneer het niet instrumenteel wordt ingezet.
Ethiek waarborgt dat:
– Inner Needs niet worden gebruikt als drukmiddel
– Narrative niet wordt gecorrigeerd als fout
– Reaction niet wordt bestreden maar begrepen
Zonder ethische begrenzing verandert INR van verklaringskader naar beïnvloedingsinstrument.
Met ethische begrenzing blijft het model mensgericht en consistent met zijn eigen architectuur.